Terug
Van A.B.T.B. naar G.L.T.O
Na veel
voorbesprekingen, waar het toenmalige hoofd van de R.K. school van Hertme, de
inmiddels overleden J.B. Mensink, nauw bij betrokken is, wordt op 11 februari
1930 de oprichtingsvergadering belegd van een plaatselijke afdeling van de
A.B.T.B.
Landelijk is de
ABTB opgericht in 1917, met als doel het behartigen van de geestelijke en
stoffelijke belangen van haar leden. Ze is werkzaam in de provincies die behoren
tot het Aartsbisdom Utrecht. Na diverse voorbesprekingen, veelal onder leiding
van de Eerwaarde Heer Deken Van de Waarden en mede initiatiefnemer de
heer J.B.
Mensink, hoofd van de lagere school in Hertme, komen beide heren met het
voorstel tot oprichting van een plaatselijke afdeling van de ABTB. De
oprichtingsvergadering
staat onder voorzitterschap van pastoor Elskamp van de Bornse Stephanusparochie.
Aanwezig zijn op die vergadering 54 belangstellenden.
Nadat zowel de deken als ABTB-secretaris ir. Everts, van het hoofdbestuur van de
ABTB dat gevestigd is te Arnhem, het doel van een goed functionerende
ABTB-organisatie in gloedvolle betogen uiteen hebben gezet, meldden zich
spontaal 29 leden aan. De oprichting van de afdeling Borne-Hertme is een feit.
Pastoor Elskamp wordt benoemd tot waarnemend voorzitter en de heer J.B. Mensink wordt
benoemd tot eerste secretaris-penningmeester. Al spoedig wordt de
voorzittershamer overgenomen door de heer G.J. Reuvekamp, die tot midden jaren
vijftig aan het hoofd staat van de plaatselijke ABTB-afdeling. Als geestelijk adviseur wordt pastoor Kemperman,
van de Stephanusparochie in Hertme, door de bisschop van Utrecht
benoemd. Als deze voorbeeldige priester in 1935 overlijdt, wordt zijn taak als
geestelijk adviseur overgenomen door pastoor
Frank van de Stephanusparochie in Borne. Ruim een kwart eeuw staat deze stoere
herder, afkomstig uit een boerengezin in de Achterhoek, op de bres voor de belangen van de
boerenstand.
Een goede organisatie met een daadkrachtig bestuur heeft de boerenstand in die
jaren ook nodig. Het gemiddelde inkomen van de agrariër in deze streken is laag,
bijzonder laag. Alleen door intensieve samenwerking op allerlei gebied kan in
die inkomenspositie verbetering worden gebracht. Men organiseert voorlichtingsavonden en cursussen om de leden meer algemene kennis over zaken als
een goede bedrijfsvoering bij te brengen. In dat kader komt ook het
landbouwonderwijs onder de
ABTB van de grond. Begin jaren vijftig volgt de heer
H. Meijer uit Hertme de heer Reuvekamp op als voorzitter. In 1962 wordt de heer
S.A.J. Homan gekozen tot voorzitter
(Op de foto de heer
S.A.J. Homan en de heer H. Meijer). Homan maakt tot 1992 deel uit van het
bestuur. In 1992 stelt Homan zijn functie ter beschikking en wordt de heer J.
Meijer, zoon van de eerdere voorzitter de heer H. Meijer, benoemd. In datzelfde
jaar wordt besloten tot een fusie met de afdeling Zenderen. De reden is het
teruglopend aantal leden. De naam wordt gewijzigd in ABTB afdeling
Hertme-Zenderen. In de jaren negentig komt steeds meer de wens naar voren om de
ABTB te laten samengaan met CBTB en OLM. In 1995 worden de drie organisaties
ondergebracht in
een geheel nieuwe organisatie onder de naam GLTO (Gewestelijke
Land en Tuinbouw Organisatie). De doelstelling van de nieuwe organisatie wijkt
niet af van die van ABTB, CBTB en OLM, doch de problemen waarmee de besturen van de afdelingen zich nu
geconfronteerd zien, zijn van een heel ander kaliber en niveau als veertig of
zestig jaar geleden. Zaken als mestoverschotten, milieuproblemen en melkquota
gingen ook aan Hertme niet voorbij. Ook is er een totaal andere zienswijze ten
aanzien van het landbouwbeleid. Het zal niemand verbazen, dat het bestuur
van de landbouworganisatie niet alleen de wijsheid in pacht heeft om alle
problemen in de landbouw te kunnen oplossen. Wel staat vast dat een ieder gebaat
is en blijft bij een goed functionerende organisatie. Nu . . . en in de
toekomst.