Een
kerk kan zonder klokken, de eucharistie ook. Maar dat de klokken er
zijn en luiden betekent meer dan een belsignaal. Klokken hebben iets
speciaals en zijn niet te vergelijken met een polshorloge of een
luidspreker in een publiciteitskaravaan. Klokken 'roepen'. Ze zeggen
op hun manier dat wij het niet zijn die beslissen om samen te komen:
'ik ga......'. Iemand anders
roept.
We gaan naar de mis omdat we er worden gevraagd en er toe uitgenodigd
worden. Klokken symboliseren iets wezenlijks in onze eredienst: Het
initiatief van deze bijeenkomst ligt niet bij ons, maar bij God. In de
toren hangt een klok. Als de klok luidt is dat een oproep om naar de
kerk te komen. De klok wordt ook bij andere gelegenheden geluid,
bijvoorbeeld als er vanuit de kerk iemand begraven wordt.
Sommige
kerken luiden de klok als tijdens de kerkdienst het ‘Onze Vader’
gebeden wordt. Vele Rooms-katholieke kerken luiden de klok tijdens de
consecratie. In onze parochie is dit niet het geval. Tijdens de
opheffing van de hostie en de kelk klinkt een belletje. Dit laatste
gaat veranderen. Binnenkort zal in onze parochiekerk tijdens de
consecratie de klok luiden. Niet de torenklok, maar het angelusklokje
dat tot voor kort op de pastorie zat. Onlangs is het klokje,
dat werd gegoten in 1726, op de nok van de kerk geplaatst. Via een
koord door het dak, kan de misdienaar het klokje
op het priesterkoor bedienen.
Foto: Hubert en Herman Blenke zijn
bezig met het plaatsen van het klokje
