Op
9 september 1957 werd aan de Koppelsbrink een Mariakapel ingezegend.
Daarmee kreeg de voormalige en verwilderde begraafplaats een nieuwe
functie. Dankzij de initiatiefnemers meester Dijkhuis, boekhouder Ten
Voorde en huisschilder Liedenbaum was Borne een plek voor rust en
bezinning rijker. Aanvankelijk hoofdzakelijk door katholieken bezocht, is
het vijftig jaar later een plek geworden waar iedereen, gelovig of niet,
even tot zichzelf kan komen.
Jaarlijks worden er 20.000 kaarsen opgestoken. Het werkelijk aantal
bezoekers is veel hoger en die komen tot ver uit de regio en zelfs
daarbuiten. De Mariakapel vervult in deze tijd van ontkerkelijking een
belangrijke functie voor gelovigen en niet gelovigen. Het is een
oecumenische plek van bezinning. Op zaterdag 8 september werd de inwijding
van toen herdacht. De plechtigheden begonnen om 18:30 uur in de
Stephanuskerk met een eucharistieviering. Hierna trokken de honderden
kerkgangers, met de St. Gregorius fanfare uit Hertme voorop, in processie
met het allerheiligste naar de Mariakapel.

