Van de Grootevheen,
zo herinnert menig Hertmenaar zich nog, was een bijzonder mens. Hij is een
echte paardenliefhebber. Met zijn lievelingspaard Sissie legt hij
bijvoorbeeld de huisbezoeken af. En was hij toch te voet, dan was hem
onderweg welk vervoermiddel dan ook welkom. 'Kan ik meerijden?', was dan
steevast zijn vraag. En of het dan ging om een melkwagen of een strontkar
was de Hertmer priester om het even.
Hij is ook een hulpverlener. Als hij op een boerderij is en er moet een koe
kalven of een varken krijgt een toom biggen, nooit is
meneer
pastoor te beroerd om de handen uit de mouwen te steken. Op een dag komt hij
bij een boer waar een zeug op het punt staat biggen te krijgen. De
boer komt in moeilijkheden omdat hij de koeien nog moet melken. Pastoor van
de Grootevheen raadt de boer aan naar zijn melkvee te gaan, hij houdt de
wacht dan wel bij het varken. Als hij een poosje later bij de boer in de wei
komt vraagt van de Grootevheen om meer stro. De man wil meelopen. 'Geen
sprake van. Blijf maar bij je koeien en zeg me waar het stro ligt. Ik red me
wel'. Als de boer klaar is met melken, liggen er zes biggen bij de zeug.
Verwonderlijk is het overigens allerminst
dat pastoor van de Grootevheen een zekere liefde en grote kennis voor het
agrarisch bedrijf niet ontzegd kan worden: hij was afkomstig uit een groot
boerengezin.
Humor kan de Hertmer herder evenmin worden ontzegd. Vanwege klachten over
zijn gezondheid bezoekt hij een kruidendokter. Deze man onderzoekt de
pastoor met een nogal vreemdsoortig apparaat, waarbij de patiënt de kleren
gewoon aan kan houden. Kwam het apparaat op een plek waar iets niet deugde,
dan begonnen allerlei spiraaltjes te trillen. In de wachtkamer waar het
onderzoek plaatsvindt, volgt een andere patiënt vol bewondering het
onderzoek met het vreemde apparaat. Op zeker moment zegt hij: 'Pas op
pastoor, dadelijk vlieg je in brand'. Het antwoord van pastoor van de Grootevheen tekent hem beter uit dan honderd woorden: 'Neen, vriend. Dat heb
je mis, want ik heb het blusapparaat bij me!'.

Pastoor van de Grootevheen (aan
het stuur) met
vrienden in een voor die tijd moderne auto: een
Chrysler.
|
|
Als
paardenliefhebber verzorgt pastoor van de Grootevheen zelf zijn paard.
Overdag loopt het dier in de wei, 's avonds haalt de pastoor het paard in de
stal. Ook zondagsmorgens ging dat zo. Amper
was de H. Mis afgelopen of de pastoor had de klompen en de stofjas al aan en
de strohoed op. Als hij dan Sissie uit de stal had gehaald stapte hij met
het dier tussen het kerkvolk door. Het paarden-mechanisme kwam dan, na een
nachtrust in de stal, op gang: niet zelden liet het dier te midden van de parochia-nen een paar welluidende
winden, waarmee de zondagsrust op zijn
minst voor enige tijd werd verstoord. Zijne Eerwaarde trok zich daar niets
van aan. Steevast met de woorden: 'Goed zo Sissie, prut jij maar' moedigde
hij zijn lievelingspaard eerder aan . . .
Wat betreft zijn herderlijke bediening ook daarin heeft van
de Grootevheen
zijn eigenaardigheden: als de Blasiuszegen
wordt gegeven, bezoekt hij de
families waar kleine kinderen
of ouden van dagen in huis zijn persoonlijk om
daar de zegen
te geven. Alles zit dan rond de tafel en als de pastoor dan de
kaarsen tevoorschijn haalt, wil een van de kleine parochianen
nog wel eens
met een korte sprint het hazenpad kiezen. 'Vader',
zo beveelt van de Grootevheen dan: 'Grijp hem'. Onder hels kabaal van de kleine blaag wordt
dan de Blaziuszegen toege-
diend. En aldus gaat van de Grootevheen al
weldoende rond.
Bovenal is deze pastoor van Hertme een godvrezend mens.
In de benauwde
oorlogsjaren, voert hij het Heilig uur in: een kerkdienst waarbij de pastoor
een uur lang met uitgestrekte
armen knielend voor het altaar bidt voor de
vrede en dat
Hertme gespaard mag blijven voor het oorlogsgeweld.
Ondanks
zijn grote vroomheid is pastoor van de Grootevheen
de man er niet naar om
niet- katholieken te mijden. Hij loopt er even gemakkelijk binnen als bij
zijn eigen parochianen.
Een slopende ziekte wordt deze bijzondere man fataal. Op veertien maart 1952
overlijdt hij plotseling en wordt vier dagen later begraven op het
parochiekerkhof.


Uitvaart pastoor van de Grootevheen. |